Gaskoeler (Gas Cooler - Transkritisch CO₂ / R744)
Warmtewisselaar in een superkritische of transkritische CO₂-installatie die warmte afvoert aan de omgeving zónder faseovergang of vloeistofcondensatie.
Diepgaande Toelichting & Werking
() heeft een laag kritisch punt van 31,1 °C bij 73,8 bar. Wanneer de omgevingstemperatuur warmer is dan ca. 20-25 °C, stijgt de tot boven het kritisch punt (typisch 85 tot 120 bar) en bevindt het gas zich in de superkritische fase. In deze toestand bestaat er geen onderscheid meer tussen en gas en kan het niet condenseren bij een vaste temperatuur. In plaats van een condensor gebruikt men een : het hete superkritische gas koelt continu af over een glijdend temperatuurtraject (dense gas cooling). De wordt actief geregeld door een hogedrukregelventiel (HPV) om bij elke buitentemperatuur de optimale druk voor de maximale te handhaven.
dot{Q}_gaskoeler = dot{m} * (h_in - h_uit) bij p > p_kritiek = 73,8 bar
In het superkritische gebied van een gaskoeler zijn druk en temperatuur volledig ontkoppeld (er is géén vaste verzadigingsdruk of condensatietemperatuur!). De uittredetemperatuur uit de gaskoeler moet zo dicht mogelijk bij de buitenluchttemperatuur liggen (approach <= 2 tot 3 K) voor een hoog installatierendement.